In de dierentuin
Door: Jan Swagerman
De kracht van de metafoor is sterk. Neem nu dat open kantoorlandschap waar iedereen iedereen de hele dag kan zien. Dat was de setting van een narrative coaching . Het probleem was de samenwerking. Wat is meer voor de hand liggend dan daar eens te vragen in welke dierentuin men zich eigenlijk bevindt. Kortom de coachee moest voor haar collega's dierfiguren kiezen. Aan welk dier doet je baas je denken? Alle dieren hebben hun kracht maar ook hun zwakke punten en irritaties. Belangrijk is te weten wie welk voer nodig heeft. Voer heet in de mensentuin overigens vaak aandacht.
De Kikker-manager met zijn platte koffertje die van de ene naar de andere vergadering springt heeft iets anders nodig dan de baas-Leeuw die het middelpunt wil zijn.
Enfin in deze coaching werden de Leeuw en de Bever belangrijk. Bever is eindeloos aan het werk en elk takje moet op zijn plaats liggen. En denk maar niet dat mijnheer Leeuw dat zelfs maar in de gaten heeft. Hij ziet alleen vertes en verre rijken met concurrerende leeuwen. Kleine Bever lijkt machteloos. Je kunt communicatietraining doen wat je wilt maar het helpt niet als de macht onevenredig is verdeeld. Althans aanvankelijk leek dat zo. Maar dat is zo bij hen die de fabels niet kennen. Eigenlijk is in deze sessie een nieuwe fabel ontstaan. De fabel van Bever en Leeuw.
Via associatieoefeningen is eerst gekeken wat de krachten en zwakheden van Bever zijn. Bever kan knagen kent details en weet waar de schatten op en onder de grond liggen. Leeuw heeft die dure stenen maar al te zeer nodig voor zijn schatkist. Bever weet ook letterlijk waar de valkuilen liggen. Of dacht je dat Leeuw zich zelfs maar waardig toonde om te bukken en op de grond te kijken of alle takjes wel goed liggen? Nee Leeuw heeft bij nader inzien Bever eigenlijk heel hard nodig!



